Diary of a travelin biker  -  Diario de un motociclista de viaje

Alaska - Vuurland : PERU

 

 

Dag 67 zondag 15  oktober 2017:

Vilcabamba EC > Sullana PE – 350km

Overnachting in Sullana Hotel La Siesta.

 

(Hier loopt de blog wat vertraging op door omstandigheden: een late aankomst in Sullana door een vriendelijke maar verschrikkelijk trage grensovergang, en door de afwezigheid van internet in het hotel te Sullana.)

De dag begint goed. Ik heb dan toch een deel van de nacht heel goed geslapen, ondanks het verschrikkelijke gedreun en gejank van disco  ‘Nigh Fever’ ergens in de buurt (geen typefout ditmaal). Ik dacht vannacht even dat ik weer thuis was, want bij ons in Watervliet is dat wekelijkse kost. Oude vensterkozijnen en enkel glas houden dit niet buiten, luxe-resort of niet. Ik was na tweeën zeker niet meer wakker, maar mijn compañeros hebben het gejengel en gedonder de hele nacht gehoord.

We zijn bovendien erg tevreden dat we op deze zondagmorgen reeds om 7u kunnen ontbijten, want dit was normaal maar voorzien om 8u30. Het ontbijt is lekker, maar te klein, en het papaya vruchtensap kan mij niet bekoren. Ik zie trouwens dat de meesten deze beker aan zich voorbij laten gaan.

Kort na het vertrek zie ik de bui hangen, en maak halt op een veilige plek naast de weg. Regenkledij aan, en weer verder. Net op tijd! Even voorbij Loja klaart de hemel op en kunnen we de regenkledij weer opbergen. De rit naar de grens met Peru verloopt heel vlot. De weg is goed, en de uitzichten zijn magnifiek.

 

 

Opnieuw komt nu en dan de geur van jasmijn toegewaaid. Even vrees ik dat ik zonder benzine zal vallen, en mijn reservekannetje zal moeten aanspreken, maar neen, ik heb zelden zo zuinig gereden als vandaag.

Even voor de middag gaan we dan nog even tanken in Ecuador, en leggen dan de laatste kilometer af tot de grenspost net vóór de rivier. Paspoort uitstempelen, motorpassagepapier inleveren, een fluitje van een cent. En even later zijn we over de brug de grens over en in Peru.

 

 

Paspoortstempel halen, tijdelijke verzekering regelen; het gaat bijna sneller dan het hier op te schrijven. En hop, de tijdelijke import van de motor! Neen ! Dat kan niet! Dat is buiten de douane gerekend, welke moet bewijzen dat ze hier nodig zijn, en dat ze hun dag naarstig en volledig invullen. De douanier is echter wel heel vriendelijk, maar toch o zooo traaaag. Hij kan nauwelijks typen en heeft voortdurend hulp nodig. En wat een kletskous! Bij de eerste duurt het anderhalf uur. Tegen dat ik aan de beurt ben is het halfvier, en kwart na vier kan ik vertrekken. En nu veilig traag, maar snel en gezwind voortmaken om het hotel vóór donker te bereiken, wat net nog lukt.

Ik heb geen camera op de helm staan, maar zou hem vermoedelijk de laatste twee uur wel continu hebben laten aanstaan. Het wegdek is onberispelijk goed, maar wat er op loopt en rijdt tart alle verbeelding. Bert vergelijkt het met India. Geiten, ezels, kinderen, geiten, honden, riksja’s, gemotoriseerd of niet, geiten, rijdende autowrakken, brommertjes, kippen, en vooral nóg meer geiten. Ik hoop hier één dezer dagen een lekker stukje ‘cabrito’ te kunnen eten. Dat is dan toch al één minder op de weg.

Rechtover het hotel zijn veel geldautomaten, maar geen enkel aanvaardt één van mijn betaalkaarten. Heeft dit te maken met de internetpanne in het hotel? Toch niet want een aantal reisgenoten lukt het wel. We gaan in groep eten in een eenvoudig doeninkje naast het hotel. De meesten kiezen net zoals ik voor een stukje kip en wat frietjes; dat geroosterd en gefrituurd eten lijkt het minst onderhevig aan risico op het importeren van ongenode gasten.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag67_pollo-tent.jpg

 

Om negen uur kruip ik in bed en zal mijn ogen pas zeven uur later weer open doen.

 

Dag 68 maandag 16  oktober 2017:

Sullana PE > Chiclayo – 300km

Overnachting in Chiclayo Hotel Costa del Sol Ramada

 

Deze dag is er een om niet te vergeten, of net wel?

De morgen begint normaal na een goede nachtrust. Het ontbijt is reeds memorabel, in die zin dat we vroeg kunnen starten, maar dat alles zo traag aangevoerd wordt dat we een uur later nog steeds aan tafel zitten. En dat voor een ei en een broodje met marmelade… We hebben hier letterlijk en figuurlijk op onze honger gezeten. Maar vriendelijk en gedienstig zijn ze wel! Ons otel bevindt zich aan een stoofieg laan tegenover een grote moderne supermarkt, welke sterk contrasteert met de armoedige omgeving.

 

DSC09313

 

Ik vertrek met Leo en Ellie richting het Zuiden. De baan naar Piura is voortreffelijk, maar vanaf Piura abominabel: er zijn wegenwerken opgestart, maar dan stopgezet. We naderen meer en meer de kustvlakte, en men gebruikt hier dan maar het meestvoorhanden zijnde middel om de gaten in de weg op te vullen: duinenzand. Het verkeer dat eerst heel druk was dunt geleidelijk uit wanneer we de echte kustvlakte bereiken. Het zicht is prachtig. We rijden door een soort duinengebied, eerst redelijk vlak, met hier en daar een perfect witte zoutpan er in.

 

DSC09321

 

 

De begroeiing is schaars, zij het nogal wisselend. Bij het naderen van Parachique zien we voor de kust honderden vissersbootjes dobberen, de meesten 10 á 20 meter lang. Aan de kust zelf is er de ene werf naast de andere. Mogelijks maken ze hier zelfs nieuwe boten, want ik zie er toch heel mooie nieuwe in de steigers staan.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag68_scheepswerf1.jpg

 

Even verder is er de afslag naar het dorpje zelf. Het dorpje zelf ziet er uiterst armoedig uit. Er is een afgesloten haventje genre Paulinahaven in Biervliet destijds. Zo moet ook de haven van Boekhoute er min of meer uitgezien hebben. Er is een vaargeul die enkel bruikbaar wordt bij hoog tij. Een paar tiental sloepen van vier tot zes meter liggen hier voor anker, of op hun zij in het zand. Een bende grote pelikanen biedt een prachtig schouwspel. Ze scheren laag over het water en halen met een spectaculaire duik de ene na de andere vis op en zwelgen hem vervolgens met veel omhaal door. En dit alles op enkele tientallen meters van mij.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag68_pelikaan.jpg

 

Dan nog eens door het dorpje tot het einde. Daar trekt iets achter de schutting mijn aandacht: hier maakt men nog volledig artisanaal houten vissersschepen. Enkele schepen staan nog in geraamte. Drie mannen zijn volop bezig. Ik schat de boten 5 meter breed en wel 15 meter lang.

 

 

Nu weer verder naar Chiclayo. Onderweg staat daar echter de bende van Mark, geblokkeerd aan een zandduin die op de weg gewaaid is. Plaatselijke arbeiders die aan een pijnlijn in de buurt werken vertellen dat er nog vele zandduinen volgen, maar dat het wel te doen is om telkens over het zand te raken, en dat er verder nog een soort veer is om ons over het water te brengen. We proberen enkele zandduinen te overbruggen met de zes motoren maar dit blijkt uiteindelijk toch te lastig. We moeten ook rekening houden met de onzekerheid van de wateroversteek.

 

 

Er wordt beslist terug te keren, en de grote omweg van nog driehonderd kilometer te maken naar het hotel. Het laatste stuk van 200km zal dan wel comfortabel over een goede snelweg verlopen.

Terug dus. We helpen elkaar waar nodig om telkens de duin weer over te raken. Mijn Transalpje, nu met gewone wegband achteraan in plaats van een terreinband, heeft het lastig, en verliest plots elke aandrijving. De motor draait nog wel, maar de koppeling slipt gewoon door alsof er geen is.

 

 

PANNE !

Gelukkig heb ik een trektouw bij me, en hebben we enkele maanden terug in de cursus ‘Bush Mechanics’ van Rob geleerd hoe een motor te slepen. Mark zal mij trekken. hij rijdt alleen, heeft een krachtige motor, en is zeer rijvaardig op oneffen terrein.

 

 

Zo bereik ik, dank zij Mark, na een uur traag, maar zonder problemen het benzinestation van Parachique. Terwijl de anderen even verpozen en tanken, slaag ik er wonderwel al zeer gauw in om onmiddellijk vervoer te regelen van de motor naar de Honda garage in Chiclayo, op een boogscheut van het hotel. De zoon van de oudere man in de gasolinera beschikt over een zware Toyota 4×4 pickup. De motor wordt vastgesjord met de vier zware spanriemen die ik in mijn koffers meegenomen had.

 

 

De Peruaan vraagt 200 dollar voor een rit van 275km, dus 550km heen en terug. Ondertussen vertrekken ook de anderen. In Sechuro gaat mijn chauffeur wel even zijn baas verwittigen dat hij mij en mijn Transalp naar Chiclayo voert, en rijdt dan verder. Wat zijn wij toch verwend met de motoren wanneer het wegdek in slechte staat is. Zelfs deze zware 4×4 heeft het vreselijk lastig om dit slechte wegdek tot aan Piura te verteren. Ineens zegt mijn chauffeur dat 200 dollar toch wat weinig is voor deze rit. Ik hou mijn hart vast, maar dan zegt hij dat hij graag dertig dollar méér zou krijgen. Ik pruttel even tegen voor de schijn, maar geef dan toe waardoor hij erg tevreden is. Zelfs met dertig dollar extra ben ik er nog heel goedkoop vanaf. Vanaf Piura gaat het zeer vlot. Het wordt rond halfzeven donker, maar dan zijn we reeds op de grote hoofdweg die in goede staat is. Er zijn weinig andere weggebruikers en de wegmarkeringen zijn uitmuntend. We converseren over van alles. Het gesprek gaat eerder moeizaam, want de man, ik schat hem dertig, spreekt heel snel, waardoor hij telkens opnieuw zijn zin moet herhalen vooraleer ik hem begrijp. Hij heeft twee kinderen, een jongen en een meisje.

Plots heeft hij het over bordelen, en vraagt of er in België ook bordelen zijn. Natuurlijk, antwoord ik hem, maar vooral in de grote steden. Hij zegt dat er in Chiclayo ook zijn, en geeft een beschrijving van de mooie meisjes en hun herkomst (vooral Colombia en Venezuela). Heeft hij plannen voor deze nacht nu hij in Chiclayo is, én wat geld heeft? Dat laatste hou ik natuurlijk voor mijzelf… en voor de blog…

Ondertussen werden Rob en Dafne op de hoogte gebracht van mijn tegenslag en heeft Rob mij het adres van de Honda garage in Chiclayo doorgestuurd via SMS.

Rond 20u30 bereiken we de grote mooie Honda-garage. De drie nog aanwezige mannen willen mijn motor echter niet stallen in de garage zelf. Vermoedelijk moeten ze hiervoor toestemming hebben van hun baas. Dan maar naar het hotel, waar de twee Rob’s, Bert en Fons mij staan op te wachten. Het Transalpje van 200 kg wordt vlot met behulp van deze grote bende krachtpatsers van de pick-up getild en op de parking van het hotel geplaatst. Ik heb net genoeg cash dollars bij me om mijn transport te betalen, maar wil de Peruaan nog een fooi extra geven. Ik leen vijftig dollar bij mijn kompanen en geef dat aan mijn chauffeur. Hij is even sprakeloos maar dan heel erg blij. Ik hoop dat hij er nog wat van over heeft als hij deze nacht thuiskomt…

 

WP_20171016_21_12_42_Pro

 

Tot hier toe is alles heel vlot gegaan. Mensen in deze landen zijn gewoon te helpen en oplossingsgericht te werken. In de moderne Honda-garage zal het morgen mogelijk wel wat stroever verlopen, want administratief personeel moet altijd zichzelf bewijzen en vertraagt de gewenste vlotte gang van zaken.

Ik verneem van Rob dat de rest van de groep Chiclayo niet haalt deze avond. Leo en Ellie zijn kort na het vertrek uit de gasolinera gevallen, en Ellie heeft haar voet gebroken. Nét Ellie, die toch altijd zo bezorgd is over het wel en wee van de anderen in de groep. De bende van Mark (Udo, Alfons en Tiny) zoeken een hotel in Piura en rijden morgen verder. Wat Leo nog gaat doen is niet duidelijk. Natuurlijk in eerste instantie Ellie bijstaan. Zij zal gerepatrieerd worden. Hij kan mee naar huis vliegen, ofwel toch besluiten de reis af te maken. Maar hij zal hoe dan ook de repatriëring van zijn motor moeten regelen.
Mijn probleempje vervalt in het niets vergeleken met de tegenslag van Leo en Ellie.

Ik ga naar mijn kamer. Fons en Bert brengen mij een halve pizza, waar ik ruim voldoende aan heb. Ik doe hen mijn relaas, en dat van de uitmuntende bijstand die ik kreeg van de bende van Mark. De rest van de avontuurlijke reis zal er uit bestaan om het avontuur zoveel mogelijk te vermijden. Ik besef dat mijn epische reis uiteindelijk een odyssee geworden is.

Ik werk nog wat aan de blog, want heb achterstand. Een snelle hap (de pizza), aan het werk, en dan in bed.

Wat een dag !

 

Dag 69 (dinsdag 17 oktober 2017):

Gedwongen rustdag in Chiclayo.

Overnachting in Hotel Costa del Sol Ramada

 

Ik heb redelijk goed geslapen, maar ben vroeg wakker omwille van het lawaai buiten.

Van de nood een deugd gemaakt, en dus de blog wat bijgewerkt. Het ontbijt is perfect, maar kan mij niet zo erg bekoren omdat ik andere dingen aan mijn hoofd heb. Ik spreek af met Rob om naar de winkel van Honda te gaan.

De rest van de groep vertrekt naar Trujillo. Om 8u nemen Rob en ik een taxi. We kunnen nu eens goed zien hoe dit mierennest functioneert. In feite zijn er maar twee verkeersregels. ‘ik eerst’ en ‘ elkaar vooral niet raken’. En ik moet ze het nageven: de Peruvianen zijn voorbeeldige chauffeurs die deze regels bijna nooit overtreden. Misschien helpt het hen wel, dat ze regelmatig tijdens het rijden een kruistekentje slaan, en vooral voortdurend claxonneren. Spijtig genoeg zijn er hier en daar wel chauffeurs die maar net de helft haalden op hun examen…

 

 

In de Honda winkel is het even wachten op de verantwoordelijke. Die komt er dan ook aan en bestelt de nodige stukken in Lima, want hier zijn ze niet in voorraad. Daar spreek ik af dat ze de motor zullen komen ophalen aan het hotel om vier uur deze namiddag. Ik keer samen met Rob terug naar het hotel. Ik boek hier in dit hotel voorlopig nog een nacht, want ik weet nog steeds niet wanneer de motor zal hersteld zijn.

Ondertussen vertrekken Rob en Dafne, en blijf ik hier alleen achter in Chiclayo. Ik moet toegeven dat ik wel even een beklemmend gevoel krijg. Ik dwing mezelf om het even positief te bekijken: ik heb mijzelf al zestig lang altijd uit de slag weten te trekken, en dat zal hier niet anders zijn.

Hoe moet het nu verder? In het beste geval is de motor morgen of overmorgen hersteld, en neem ik de Panamericana om de groep enkele dagen later te vervoegen in Pisco. Ondertussen zit ik achter de vodden van de Honda-mensen, en ga morgen nog een archeologische site bezoeken hier in deze stad.

Kort na de middag maak ik een wandeling door de stad en zoek een deftig maar toch typisch restaurantje op, wat niet zo makkelijk is. De stad zelf is niet veel soeps, behalve een mooie historische fototentoonstelling in het stadhuis.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag69_chiclayo-archieffoto.jpg

 

Driekoningen, een Christelijke voorstelling, maar mispak u niet: de ene koning (de grootste) stelt de zon voor, dus een god, een koning of een hooggeplaatste, de tweede stelt de maan voor, dus de middenklasse of de soldaten, en de laatste de sterren, het voetvolk, waarvan er heel veel zijn, en de ene al wat minder schittert dan de andere. Een perfecte mix van Inca en Christendom.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag69_chiclayo-stad.jpg

 

Hier en daar in de stad herken ik een gebouw dat op de tentoonstelling te zien was, zoals de opmerkelijke bibliotheek. Het is heel erg druk en lawaaierig in de stad, en ik ben opgelucht dat het uiteindelijk drie uur is en ik het ophalen van de motor moet afwachten. Tijdens het lange wachten profiteer ik van de dode tijd om mijn filmpjes en foto’s te ordenen, en klaar te maken om toe te voegen aan de blog. Ik maak een videootje van de Stahlratte.

De vriendelijke Emilio komt de motor ophalen met een klein vrachtwagentje. Hij is dit soort klussen gewoon. Met vieren tillen we de motor bijna moeiteloos op het oude camionneke, eerst het voorwiel, dan het achterwiel.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/WP_20171017_19_14_32_Pro.jpg

 

Dan met het rammelende beestje naar de Honda garage, de motor eraf, en ik met een nóg meer rammelende taxi terug naar het hotel. Een taxi kost hier omgerekend 1,5 Euro, wat goedkoper is dan bus of tram bij ons. Ik ga nog even een broodje kopen, en begeef mij dan naar mijn kamer.

Ik profiteer van de rust en de vrije tijd om de huisartsenwachtrol door te geven aan de FOD Volksgezondheid, een klusje dat ik om de drie maanden doe. Dit verloopt deze keer vlekkeloos, wat zelden voorkomt.

Het is ondertussen bijna 22u. Ik ga slapen.

 

Dag 70 woensdag 18  oktober 2017:

2e gedwongen rustdag in Chiclayo.

Overnachting in Hotel Aristi

 

Na het ontbijt bereid ik mijn verhuis voor naar een ander hotel. Ik kon hier slechts 1 extra nacht krijgen omdat het hotel volgeboekt is de komende dagen. Alles zit mooi in de koffers verpakt.

Tegen elf uur is de verhuis per taxi gebeurd. Ik word in hotel Aristi vriendelijk ontvangen door de eigenaars? en de man helpt mij om de koffers naar boven te brengen. Het hotel is op wandelafstand van de Honda-zaak, maar een hele klasse minder.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/WP_20171018_18_40_04_Pro.jpg

 

Ik wandel naar de Honda-werkplaats en krijg er te horen dat de stukken er morgenmiddag zullen zijn, en dat ze dan onmiddellijk aan de herstelling beginnen. Duimen maar!

Ik neem een taxi, en laat mij naar het museum ‘Tombas Reales de Sipan’ voeren. Het is een redelijk recent museum over de opgravingen van koninklijke graven uit de pre-Inca periode. Ongelooflijk hoeveel gelijkenissen er zijn met de piramiden in Egypte. Verschil is wel dat de piramiden hier opgebouwd werden met adobe-stenen, gedroogde klei, en dus niet waterbestendig. Maar toch, de adobe werd terug kleimodder, en gedurende de vele eeuwen heeft die opgedroogde modder toch enigszins voor bescherming gezorgd.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag70_pampa-grande-piramide-fortaleza.jpg

 

Hier was edelmetaal voorhanden, en het werd dan ook gebruikt als hemels. Goud werd gelinkt aan de zon, de dag, het leven en de goden; zilver aan de maan, de sterren, de nacht, en de dood.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag70_museo-tumbas-reales-sipan.jpg

 

En de dood was niet zo negatief, dat was gewoon het volgende leven. Een rijke persoon werd daarbij vergezeld van zijn vrouw(en), een kind, een hond, enkele dienaars, en een onthoofde lama, en allemaal samen begraven.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag70_tumbas-reales-de-sipan.jpg

 

De overgang naar buiten is groot. Het museum was in het halfduister gehuld, en buiten schijnt de evenaarszon volop. Ik loop 500 meter naar het volgend museum. Ondertussen passeer ik langs de lokale mercado, dat mij door de stank, de rommel en het vuil sterk aan Marokko doet denken, maar dan zonder de mooie kleuren.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag70_mercado.jpg

 

Het volgend museum is reeds heel wat ouder: het Nationaal Archeologisch Museum van Brüning. Brüning was een Duitse archeoloog die hier een eeuw geleden ook heel wat graven blootgelegd heeft.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag70_bruning.jpg

 

Het museum is wat oubollig, maar toont heel veel mooie stukken, en heeft ook veel meer aandacht voor de etnografische kant van de Mochica en Inca cultuur. Zo is er ook een hele zaal gewijd aan de seksuele gewoonten van de Mochica’s. Deze zaal is voorbehouden voor volwassenen gezien de nogal expliciete afbeeldingen en ceramieken beeldjes.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag70_mochica-sex.jpg

 

Dan terug naar het centrum, en in de buurt van het hotel een restaurantje opgezocht. Weer kip, maar met lekkere rijst en een gezond gevarieerd slaatje ditmaal. Net geen twee Euro.

Ik ga wat lui en uitgeteld op mijn bed liggen, maar neem dan de pen, of beter, het toetsenbord ter hand, en vul de blog weer aan.

Ellie en Leo komen mij morgen vervoegen in dit hotel in Chiclayo. Ze  hebben dan toch besloten nog niet huiswaarts te keren, en zetten hun reis samen met mij verder. We vormen dan de bende van Manko Kapak. Ik reserveer een kamer voor hen hier in mijn hotel. Dit is voor iedereen een fijn vooruitzicht. Zal Ellie dit aankunnen met de gebroken voet? Leo en Ellie zijn beiden fysiotherapeuten, en hebben jaren ervaring met het begeleiden van dit soort medische problemen. In elk geval een moedige beslissing.

Ik eet een broodje en drink een theetje op mijn kamer en werk de blog bij.

Die dag is alweer voorbij en ik kan om tien uur reeds gaan slapen.

 

Dag 71 donderdag 19  oktober 2017:

3e gedwongen rustdag in Chiclayo.

Overnachting in Hotel Aristi.

 

Ik sta om 6u op, maak een koffietje, en werk eerst eens enkele foutjes bij in de blog. Niet alle links onderaan de pagina blijken te werken.

… Zo ! Alles lijkt nu te werken. De hoofdpagina van de blog is nu ook wat ingekort en zal makkelijker bij te werken zijn.

Om 8u ga ik ontbijten. Netjes geserveerd, heel eenvoudig en lekker.

Nu eerst contact opnemen met de Transalpclub Nederland. Ik hoop van daar uit hulp te kunnen krijgen als de juiste stukken toch niet voorradig blijken te zijn in de Honda winkel. Al gauw komt er reactie.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag71_tcn-forum.jpg

 

Nu mijn kamer wat opruimen, dan kan ik weer op stap richting motorwinkel.

11u: op naar de motorwinkel. De vervangstukken zijn binnen. Ze beginnen zó aan de herstelling. Ondertussen ga ik even verder op zoek naar een betere achterband, want deze die er op ligt is iets kleiner dan normaal, en heeft te weinig grip in modder en zand. Ik vind er al gauw een, maar wacht nog even af hoe de herstelling verloopt. Ik keer terug naar de Honda-herstelplaats. De motor ligt nu open, de oude koppelingsplaten liggen er al uit.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/WP_20171019_16_23_57_Pro.jpg

 

Ze zijn inderdaad op. Reeds op voorhand ver versleten of niet? Ik kan er maar naar raden.

Ik keer terug naar het hotel. Daar zitten Leo en Ellie reeds op mij te wachten in hun kamer. We doen beiden ons verhaal, en zijn blij elkaar teruggevonden te hebben, en onze reis samen te kunnen verderzetten in dit land van Manko Kapak. (Om dit alles goed te begrijpen moet je het relaas van de vorige dagen herlezen, want ik had enkele gebeurtenissen verzwegen om niet onnodig onrust op te wekken). Het ongeval van Leo en Ellie is gebeurd op een stuk heel slechte weg, kort nadat ik de groep verlaten had om samen met mijn defecte motor vervoerd te worden naar Chiclayo.

Dan met Leo terug naar de Honda dealer. De stukken passen, en een aantal motoronderdelen worden nu eerst gereinigd. Ik ga de nieuwe band dus toch maar halen en breng hem terug naar de Honda werkplaats voor montage. We keren terug naar het hotel. We halen Ellie op en gaan dan eten in het restaurantje naast het hotel.

Dan ga ik met motoroutfit weer naar de Honda garage met de goede hoop mijn Transalpje deze avond gezond en wel naar zijn stalletje te brengen hier onderaan in de hall van het hotel.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/WP_20171019_20_20_30_Pro.jpg

 

De jonge mekanieker heeft het werk hervat aan de motor. Hij werkt handig en snel, en toch erg zorgvuldig. Ik begin zelf het achterwiel terug te plaatsen, en krijg onmiddellijk hulp. Op een bepaald moment zijn we met zijn vijven aan de motor aan het werken, en word ik honderduit ondervraagd over België en Europa, en over al die vreemde talen. Het gaat er echt plezant aan toe, en even na 21u is het zover, de motor zit weer in elkaar.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/WP_20171019_21_15_33_Pro.jpg

 

Dan nog wat foto´s nemen, de URL van mijn blog opschrijven, en betalen, en nog voor 22u staat mijn motor binnen in de hall van het hotel.

Nu iedereen nog op de hoogte brengen van het heuglijke nieuws en op tijd in bed om goed uitgerust te zijn voor het hervatten van de lange weg naar het einde van de wereld.

Plots krijg ik een telefoontje van de receptie. Iemand vraagt naar mij. Ik ga naar beneden en zie de jongste mekanieker van Honda bedremmeld staan: Hij heeft vergeten de olie aan te rekenen. Ik geef hem het gevraagde bedrag en nog een fooi er bovenop. Ze zullen vandaag lang overgewerkt hebben, maar er een leuke herinnering aan overhouden, zoals ik ook trouwens.

Nu in bed!

 

Dag 72 vrijdag 20  oktober 2017:

Chiclayo PE > Trujillo PE – 220km

Overnachting in Trujillo Hotel Paraíso.

 

Zeven uur: Ik ben al een uurtje wakker en heb ondertussen wat kunnen prutsen. Ik ga naar beneden waar de motoren in de hall staan. Ik moet de onderste beschermplaat nog monteren. Dat verloopt niet geheel naar wens omdat ik één boutje niet op zijn plaats krijg. Ik zal dat dan maar deze avond eens fiksen, op een rustiger moment.

Om 8 uur gaan we ontbijten. Hoewel het smaakt, heb ik geen zin in meer. Ik ga bij de apotheek navragen waar we twee deftige krukken voor Ellie kunnen kopen, want met één wandelstokje is ze té behoeftig.

Dan de motoren buiten zetten, laden, en vertrekken maar. Tien minuten later zijn we twee krukken rijker die ik onder twee snelbinders fixeer.

En nu naar Trujillo. Een goede vlakke weg, niet te druk, eerst langsheen rijstvelden, dan door een eindeloze woestijn waar de wind het zand tot duinen opwaait. De bergen zijn in een waas gehuld door het hele fijne zand dat tot op grote hoogte in de lucht hangt.

 

dag72_onderweg3

 

Daar waar rivieren uit de Andes de zee bereiken zien we grote vruchtbare vlakten, eigenlijk grote oasen, meegeholpen door kunstmatige irrigatie.

 

dag72_onderweg

 

Bij het naderen van de vruchtbare vlakten rond Trujillo zijn het dan vooral teelten van suikerriet, en grote veebedrijven. Het vee is niet zichtbaar, maar de enorme stallen zijn ontelbaar.

Net tegen Trujillo rijden we nog even westwaarts naar het kustdorpje Huanchaquito, in de hoop rieten vissersbootjes te spotten. Er is een prachtige zware branding, er zijn eettentjes en primitieve strandterrasjes, maar er is verder geen kat, en er zijn nergens bootjes te bespeuren. Een vrouw snelt naar mij toe met een menukaart in de hand, in de hoop vandaag misschien toch één klant te kunnen strikken. Ik stel haar teleur en rij weer verder.

 

dag72_huachaquito

 

Een half uurtje later bereiken we het hotel na heel wat blokje-rond-rijden. Mijn Transalpje heeft zich vandaag erg dartel gedragen en heeft perfect gemekkerd.

We nemen een kleine late lunch in het hotel, en dan trek ik er op uit in het stadje. Mooi en onderhoudend. Leuk was in elk geval mijn bezoek aan de voormalige kerk van de Compania de Jesú. De kerk is nu een auditorium, net in gebruik voor een groot evenement, maar heeft haar oorspronkelijke eenvoudige uitstraling niet verloren. Ik ga aan een hostesje vragen of in de binnenkoer van het klooster mag bezoeken, en word doorverwezen naar de grote baas, Jorge Martínez Campoblanco. Een kort gesprekje levert mij het fiat, en even later bevind ik mij in de enorme binnenkoer omgeven door zware galerijen.

 

dag72_ihs

 

Eenvoud, klasse en uitstraling troef. Het gebouw behoort nu tot de universiteit en wordt perfect onderhouden. Ik ga de grote baas nog even bedanken. Hij is socioloog. Wanneer hij hoort dat mijn dochter ook sociologe is gaat hij prompt een broodje halen en stopt mij twee flesjes Inca-Cola in de hand. Ik bedank hem en zet mijn stadswandeling verder. Er is hier een McDonald, en een Sundae ijsje met chocoladesaus is een perfecte methode om de grote coupures die ik uit de Bancomat haalde om te zetten in kleingeld. Enige probleem is dat ik met een ijsje in de hand even niet de mooie koloniale gebouwen kan binnensluipen, hetgeen tien minuutjes later dan weer wel gebeurt en mij een aangename afsluiter van mijn dag bezorgt.

 

dag72_trujillo_plaza

 

Daarna nog eens mijn motor gaan inspecteren, ketting smeren en aanspannen, het windschermpje vastzetten, en de slijkvanger onder motor volledig fixeren.

Na het avondeten verzorg ik de operatiewondjes aan de voet van Ellie, en pak hem weer volledig in. Dan is het tijd om mijn kluis op te zoeken, de blog te schrijven, en vermoeid mijn bedsponde in te duiken.

 

 

Dag 73 zaterdag 21  oktober 2017:

Trujillo PE > Huacho PE – 420km

Overnachting in La Posada de Santa Maria

 

Vandaag hebben we een grote rit voor de boeg. We kunnen pas om halfacht ontbijten. We nemen er nochtans onze tijd voor, laden de motoren, en vertrekken even na halfnegen.

 

dag73_Leo&Ellie

 

Het is nog bewolkt en fris, of is het eerder een nevel die hoog in de hemel boven het landschap hangt? Rondom Trujillo is er een uitgebreid vruchtbaar gebied met veel landbouwactiviteit.

 

dag73_rijstveld

 

Verder wordt het droger en zanderig. Dat laatste, zand, zal de rode draad vormen doorheen de gehele dag.

 

dag73_zonzeezand

 

We rijden op de Panamerica, de hoofdweg tussen Noord en Zuid doorheen gans Latijns Amerika. Hier in Peru volgt deze hoofdzakelijk de kust, hoewel meestal niet onmiddellijk ernaast, maar doorheen zandbergen, zandwoestijn, of zandduinen. Toch vangen we nu en dan een glimp op van het woeste blauwe water, dat schuimend tegen de westkust van Peru beukt. Van over de zee waait ook een stevige frisse bries die op vele plaatsen het losse witte zand over de weg waait.

De zon komt er stilaan door, maar het blijft fris.

Bij een eerste pitstop krijgen we onmiddellijk gezelschap van Yonni, waarvan we de leeftijd niet goed kunnen schatten, maar die zelf zegt dat hij 15 is. Hij is erg bezorgd over de gebrekkigheid van Ellie, en toont ook veel interesse voor de motor van Leo, waarop hij tevreden even plaats neemt.

 

Dag73_Yonni

 

We rijden weer verder langsheen bergen zand, oases en woestijnen, en bereiken dan Chimbote, een eerste grote stad waar we ons doorheen moeten worstelen. We stoppen wel even om een leuke stoet te bewonderen.

 

dag73_stoet

 

Dan weer prachtige landschappen, zo eenzaam, woest en toch kleurrijk door de vele schakeringen van rots en zand, dat het mij een bevreemdend gevoel geeft. Hier en daar duikt een dorpje op, waar triestige krotjes de armoede van de lokale bevolking scherp in het licht stellen.

Aan een peaje, waar wíj met de motoren gratis door mogen, komt de slagboom te vroeg naar beneden en Leo rijdt er net even zacht tegen, genoeg om de slagboom te verbuigen, maar zonder echte schade voor Leo.

Om halfvijf bereiken we het hotel in Huacho. We moeten lang aanbellen om binnen gelaten te worden in het zwaar beveiligde hotel. De motoren worden op de binnenkoer gelaten, achter twee veilige gesloten hekken.

 

Dag 74 zondag 22  oktober 2017:

Huacho PE > Pisco PE – 365km

Overnachting in Pisco Residential hotel San Jorge

 

Om drie uur wakker, en om vier uur dan maar opgestaan. Ik heb altijd wel wat te doen en hou mij nuttig bezig tot halfzeven. Dan klaarmaken en opruimen.

Het ontbijt is heel eenvoudig maar smaakt.

De rit naar ons volgend hotel omvat een moeilijke passage langs Lima. Lima is een grootstad, en er zou wel eens veel verkeer kunnen zijn. Gelukkig is het zondag, wat het commercieel verkeer sterk beperkt.

We gaan benzine tanken. Een zwaantje op een licht motootje rijdt net langs in tegenovergestelde richting en maakt rechtsomkeer. Terwijl wij tanken komt hij ook het terrein van het benzinestation opgereden en houd halt op afstand van ons. We hebben hem in de mot, en doen ons best om niets verkeerd te doen, en onder zijn waakzaam oog verlaten we de plaats en zetten onze weg verder. Hij volgt ons niet. Oef, want er doen soms wilde verhalen de ronde over de Peruviaanse politie. Op deze reis hebben we bijna enkel positieve ervaringen gehad met politiemensen van alle slag en alle nationaliteiten.

 

Het is aanvankelijk koud en mistig. Vochtige lucht wordt vanover de oceaan zacht over de kuststreek geblazen.

 

 

Langzaam komen de eerste zonnestralen erdoor en brengen de kleurrijke woningen op de helling tot leven.

Maar alles draait heel anders uit dan verwacht. Er is op het ganse traject bijna geen verkeer op de weg. Pal in het centrum rijden amper vijf auto’s op een enorm rond punt.

 

 

Lima is bijna doods, en we zijn er meer dan een half uur sneller doorheen dan de TomTom heeft berekend. We zoeken een tankstation waar we iets kunnen drinken. De tankstations zijn wel open, maar de winkeltjes annex cafetaria zijn dicht. Ik heb zelf echter geen eetlust of dorst, en ik heb het ook koud. Uiteindelijk vinden we dan toch een zaakje waar we even kunnen verpozen. Bij het verplaatsen van mijn motor verlies ik controle en laat hem vallen, nét niet tegen de auto die er naast geparkeerd staat. De eigenaars komen verschrikt buiten, maar kunnen geen schade vaststellen. Aan mijn motor mankeert ook niets.

 

 

Dit traject vanaf Lima kan mij niet bekoren. Stank, vuil, armoe, en kippenkwekerijen, waarvan de helft in ruïne liggen. Gelukkig is de weg prima en schieten we goed op. Het laatste stuk is zelfs een gloednieuwe autostrade die nog niet verwerkt zit in de TomTom.

Wat verder op de motor voel ik mij nu echt ziek worden, en ben opgelucht dat we zo vlot de eindbestemming naderen. Om half twee komen we toe in het hotel. Er is nog niemand van de groep. Ik laat bij het parkeren de motor nogmaals vallen, weer zonder erg. Ik ga nog een uurtje op mijn bed liggen, en hoor dan de anderen aankomen in twee groepen van vijf. Ik verneem van hen dat er vandaag in gans Peru een volkstelling plaatsvindt, en dat alle mensen in hun woning moeten blijven tenzij ze een belangrijke reden konden voorleggen om elders te moeten zijn, zoals ambulanciers en ziekenhuispersoneel bvb.

We zijn herenigd en hebben elkaar veel te vertellen. Wat later voel ik mij stilaan beter worden, maar ik beperk mij voor het avondeten tot wat frietjes zonder iets bij. Ik speel ze naar binnen met lange tanden.

Na de verzorging en controle van Ellie’s wondjes ga ik slapen.

 

 

Dag 75 maandag 23  oktober 2017:

Pisco PE > Nasca PE – 220km

Overnachting voorzien in Nasca Casa Andina

 

Ik voelde gisteravond reeds dat ik goed zou slapen, en zo geschiedde. Ik sta rond kwart voor zes op, en voel mij heel wat beter dan gisteren. Ik heb zelfs al honger. Bij het ontbijt doe ik het voorzichtig aan, en hou het bij kleine pistoletjes met marmelade en Watervlietse koffie. Ik had eigenlijk liever wat thee gedronken, maar er was enkel thee met kaneel en kruidnagel te krijgen.

Vandaag is er een korte rit van nauwelijks 200km, dus vertrekken we op het gemak rond 9u. Aanvankelijk passeren we nog langs vruchtbare gebieden, waar katoen, druiven, groene asperges, en opuntia’s, een soort cactus waarvan de vruchten (tuna) gegeten worden. De bedding van Rio Grande is enorm breed, maar het waterstroompje dat we er zien is amper het woord beek waardig. Dit komt omdat al het water uit de bergen afgeleid wordt naar de landbouwgronden, terwijl die enorme rivierbedding enkel dient om de occasionele grote massa regenval op te vangen. Langs de kant van de weg staan hier en daar kleine kapelletjes. Op één plaats zelfs een twintigtal. Hier hebben de inzittenden van een bus geen geluk gehad.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag75_kapelletjes.jpg

 

We trekken iets dieper het binnenland en stijgen tot een hoogvlakte op 500 meter welke hier pampa genoemd wordt. Hier is dit echter een woestijn van stenen, zand en bergen, met amper een sprietje begroeiing, terwijl wij pampas eerder kennen als enorme min of meer vruchtbare grasvlakten waar vee geteeld wordt.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag75_Palpa.jpg

 

Midden in de woestijn is er een grote groene oase waar een stadje ontstaan is: Palpa.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag75_pampa.jpg

 

De daaropvolgende hoogvlakte is heel bekend omwille van de tekeningen die in het landschap zichtbaar zijn vanuit de lucht of vanop een hoog gelegen uitkijkpunt.

 

DSC09453

 

Ik stap even af aan het museum van Maria Reiche, die heel wat onderzoek verrichtte naar de oorsprong van de lijnen. Ik durf echter mijn motor met bagage niet onbewaakt achterlaten langs de kant van deze drukke weg en stel mij tevreden met het uitzicht vanop de motor. Even later bereiken we dan het hotel in het centrum van Nazca.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag75_verkeerd_hotel.jpg

 

Probleem, het hotel Casa Andina is vol en er is geen plaats voor ons. Na wat geharrewar blijkt dat de boeking doorgegeven is naar een ander hotel buiten de stad. Hotel El Nuevo Cantalloc is gelegen in een grote haciënda op een enorm domein. Ook goed. Ik heb behoefte om eens op adem te komen, want de afgelopen week was uitputtend door de vele problemen, de grote verplaatsing, en het vervelende griepje.

 

Afbeelding uit fotogalerij van de accommodatie

 

Ik ga naar het restaurant van het hotel en bestel een spaghetti. Ik moet wat op krachten komen nu mijn maag weer trekt. Daarna ga ik een uurtje slapen. Nu kan ik er weer tegen, en loop het hotel af. Ondertussen is de bende van Mark een vlucht gaan maken boven de pampa, en vertelt over de Nazca-lijnen en tekeningen die vanuit de lucht zichtbaar zijn.

Udo is ook binnengekomen. Hij is gevallen en heeft een afgerukte koffer, zonder veel erg, maar wel vervelend, want die hangt daar half los te bungelen. Ik help hem om de koffer stevig te fixeren. Hiermee haalt hij wel Ushuaia zonder verdere problemen.

’s Avonds dineert de ganse groep samen in het restaurant. Morgen hebben we een lange rit van bijna 500 kilometer.

 

 

Dag 76 dinsdag 24  oktober 2017:

Nazca PE > Abancay PE – 465km

Overnachting in Abancay Hotel Turistas de Abancay.

 

Vandaag voel ik mij in topvorm. Gelukkig, want een lange zware rit voor de boeg en veel moois te zien.

We ontbijten omstreeks 7u.Eenvoudig en lekker. Ik let op om geen overdaad te doen. Voor ik mijn bagage op de moto laad spoel ik het vele stof nog even van de moto af met de tuinslang die daar toevallig ligt.

We vertrekken om 8u. Aanvankelijk is het nog redelijk vlak, maar dat verandert snel. We duiken de bergen in en krijgen de ene bocht na de andere.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag76_wegwerk.jpg

 

Bij wegenwerken moeten we een half uur in de zon staan wachten, maar het leuke is dat deze wegen tenminste heel goed onderhouden worden, wat ons de rest van de dag enkel ten goede zal komen.

De klim levert heel mooie uitzichten op de valleien in het westen die we achter ons laten. We passeren langs een beschermd gebied waar de vicuña´s leven.

 

 

Deze zijn familie van de lama’s, maar zijn kleiner, sierlijker en leven hier in kleine groepjes in het wild. Hun aanwezigheid betekent dat we hier reeds zeer hoog zitten, want enkel zij zijn goed aangepast aan deze barre leefomstandigheden. Hun wol is zeer fijn en zeer gegeerd, hetgeen er toe leidde dat er op gejaagd werd en het dier bijna uitgestorven was.

Even later passeren we een eerste pas van bijna 4400m. De Transalp heeft hier buiten verwachting weinig moeite mee, hoewel ik er sterk voor gevreesd had. Ik moet enkel voldoende toeren blijven houden en weinig gas geven. We komen nu in een soort hoogvlakte waar we afwisselend stijgen en dalen. Nu en dan is er een klein dorpje waar kleine groepen Andeanen van hun magere opbrengsten leven, vooral de kweek van lama’s en alpaca’s.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag76_alpaca.jpg

 

De oudere mensen dragen vaak nog een typische klederdracht, maar de jongeren laten deze traditie blijkbaar teloor gaan.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag76_resto.jpg

 

Rond de middag stappen we een restaurantje binnen en eten een ‘calda de gallina’, een soort kippensoep met een grote brok kippenvlees in. Een oude hond zit bedelend in het deurgat te wachten tot iemand hem een kliekje toegooit.

We trekken weer verder. We passeren twee nog hogere passen. Mijn altimeter duidt telkens meer dan 4500 meter aan. Bij de afdaling krijgt Leo weer problemen met zij koppeling, maar voorlopig zonder al te veel erg, want er is hier bijna geen verkeer.

Het laatste stuk van de rit voert ons bijna 150 km doorheen een steeds breder wordende canyon tot we in de hoogte de stad Abancay zien opduiken. Ik raak Leo en Ellie kwijt. Dan heb ik toch enige moeite om het hotel te vinden omwille van de kilometers lange éénrichting straten op lastige hellingen. Uiteindelijk raak ik toch in het stadscentrum waar een enorm hotel mij omstreeks 17u verwelkomt. Rob en Joke zijn er reeds.

 

Afbeelding uit fotogalerij van de accommodatie

 

Binnen het uur is de ganse groep binnen na een prachtige maar lange, intensieve en uitputtende rit over de Andes heen, met drie passen van rond 4500m.

’s Avonds ga ik nog de ketting smeren en de motor nazien. Mijn hoofdlampje doet weer prima dienst.

 

Dag 77 woensdag 25  oktober 2017:

Abancay PE > Cuzco PE – 200km

Overnachting in Cusco Hotel Centenario

 

Ik ben vroeg wakker, maar slaag er toch in om telkens opnieuw in slaap te vallen tot halfzes. Een mooi uur om op te staan.

Het ontbijt is eenvoudig en lekker. Er zijn enkel broodjes die je kunt opensnijden en dan binnenin smeren of vullen met een of ander.

Leo, Ellie en ik vertrekken bijna als laatsten, en rijden al gauw hoog de bergen in tot bijna 4000m. Dan dalen we iets en komen in een uitgestrekte hoogvlakte. Een mooie streek, maar toch weer anders dan gisteren, want hier wonen nog tamelijk veel mensen en is er redelijk wat landbouw. De lokale bevolking is hier vaak nog gekleed in traditionele klederdracht.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag77_andeanen.jpg

 

We stoppen even waar ook onze compañeros afgestapt zijn. Toevallig vindt er een heel bijzonder fenomeen plaats: de zon is omgeven door een halo met een regenboog op de rand. Dit komt doordat de zonnestralen doorheen een nevel van ijskristallen heen dringen. Deze breken het licht onder een hoek van 22 graden, waardoor de verschillende kleuren van het licht opgesplitst worden tot een regenboog.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag77_halo.jpg

 

De halo blijft nog wel een uur aanwezig, maar ondertussen zijn we al weer verder gereden.

Een rivier kronkelt in de diepte doorheen een keienmassa en verdwijnt dan verder de bergen in.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag77_rivier.jpg

 

Bij het tanken word ik bediend door een man die iets jonger is dan ik, en erg geïnteresseerd is in reizen. Hij was zelf in Argentinië en Brazilië, maar het ontbreekt hem nu aan geld om te reizen. Hij geeft een hele uitleg over het genieten van het leven, en ik onthou er één uitspraak van. ‘La muerte viene una sola vez.’

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag77_bergpiek.jpg

 

De vruchtbare hoogvlakte is omringd door hoge bergen. Dit werd in de oudheid reeds bebouwd door de Inca’s en de nog vroegere beschavingen die hier aanwezig waren. Op een heuvel bevindt zich de Inca tempel van Tarahuasi. De twee huizen die er op staan zijn adobe constructies van Spanjaarden uit de 16e eeuw, maar nu totaal vervallen.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag77_Tarahuasi.jpg

 

Voor het eerst kan ik hier zien met welke precisie de Inca´s stenen bewerkten om ze vervolgens volledig passend op de vorige, zonder enige mortel op elkaar te zetten tot een mooie constructie.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag77_muur.jpg

 

Sommige muren bestonden uit rechthoekige stenen, maar andere uit volledige willekeurige gevormde stenen. Dit soort precisiewerk duidt er op dat deze tempel heel belangrijk moet zijn geweest voor de Inca’s.

Weer naar boven de bergen in tot 3700 m. Hier en daar zie ik een hevig onweer enkele kilometers van mij. Ik hou het echter droog en rij dan vlot naar beneden tot in het centrum van Cuzco dat zich op 3400m bevindt.

Aankomst in het hotel om 14u, net op tijd vóór een korte maar fikse regenbui. Ik sleep mijn bagage naar het vierde verdiep, moet volledig buiten adem even bekomen, en ga dan  alleen de stad in. Ik duik een klein restaurantje in en neem plaats.

 

WP_20171025_15_02_40_Pro

 

Zonder iets te vragen krijg ik een glas perensap, en vervolgens soep geserveerd, al gauw gevolgd door een rijstschotel met kip, bonen en een aardappel. Dat smaakt. Ik betaal 1, 25 Euro voor dit alles en ga naar buiten.

Net ernaast zie ik een Peluqueria Nancy, unisex. Ik stap binnen en laat mijn haren wat korter knippen.

 

WP_20171025_15_12_10_Pro

 

Ik word er aangepakt door twee vrouwen, misschien moeder en dochter.

Dan op zoek naar een apotheker voor wat verbandmateriaal. Ik krijg de verbandjes vlot, maar het computersysteem heeft het moeilijk om af te rekenen zonder een SZ-nummer. Uiteindelijk lukt het toch, en kan ik terug naar het hotel.

Ik ben net op mijn kamer wanneer de hemelsluizen openen, en de ene enorme regenbui na de andere over Cuzco heen gestort wordt. In de kamer van Bert en Fons regent het binnen, en ze krijgen een andere kamer toegewezen.

Rob komt ons vertellen dat we morgenvroeg even na vijf vertrekken naar Machu Picchu. Dus vroeg gaan eten, en vroeg naar bed.

 

 

Dag 78 donderdag 26  oktober 2017:

Rustdag in Cuzco PE

Overnachting in Cusco Hotel Centenario.

 

Ik heb gisteravond mijn wekker gezet om net vóór vier uur gewekt te worden, maar ben reeds om drie uur wakker en kan de slaap niet meer vatten. Ik heb dus toch te weinig geslapen.

Om halfvijf ga ik ontbijten. We krijgen elk een lunchpakket toebedeeld, en om kwart over vijf staat de bus op ons te wachten om ons naar Machu Picchu te brengen.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag78_Cuzco-ochtend.jpg

 

De bus geeft ons een mistige kijk op het net ontwakende Cuzco Na twee uur bus volgt nog een ritje van twee uur in een smalspoortreintje. Die verplaatsing is comfortabel en onderhoudend, want we rijden langs een rivier met mooie uitzichten.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag78_treintje.jpg

 

Tussendoor komen de hostesjes rond met koffie, thee, of frisdrank.  In Machu Picchu-dorp, beneden in de smalle vallei, stappen we over op speciale bus die ons snel langs duizelingwekkende ravijnen en boven naar de archeologische site voert.

Machu Picchu is één der zeven nieuwe wereldwonderen, dus veel uitleg behoeft deze site niet. Wat ik wel de moeite waard vind te vermelden is dat het meest bijzondere hier wel de ligging is te midden van hoge bergen en jungle, afgelegen en quasi ongenaakbaar. Van de vele foto’s (Mucho Pictures) kies ik er één uit die naar mijn gevoel het meest aansluit bij wat ik hier beleef.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag78_MachiPicchu.jpg

 

We worden in ons bezoek begeleid door een gids, die echter enkel vertelt over hetgeen hij kwijt wil, en in alle talen zwijgt over de bloedige gewoonten van de Inca’s om menselijke offers te brengen om de goden gunstig te stemmen, maar vermoedelijk ook om de eigen bevolking en de overwonnen volkeren in het gareel te houden.

In de namiddag dan terug naar Cuzco, in omkeerde volgorde, bus, trein, bus, waar we dan om 20u30 aankomen. Er rest mij nog enkel het appeltje op te eten en doodmoe onmiddellijk mijn nest op te zoeken.

 

Dag 79 vrijdag 27 oktober 2017:

Rustdag in Cuzco PE

Overnachting in Cusco Hotel Centenario.

 

Goed geslapen. Na het ontbijt omstreeks halfacht doe ik het eerst nog wat rustig aan en vertrek dan voor een stadsbezoek. In een museumpje annex winkeltje tref ik een mooie verzameling voedingswaren die de Inca’s en hun voorgangers toen reeds verbouwden.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag79_food.jpg

 

Op straat lopen veel vrouwen in traditionele klederdracht, in de hoop één of ander product aan een toerist te kunnen verkopen. Sommige lopen zelfs rond met een klein alpacalammetje in hun armen.

Cuzco is door de Spaanse Pizarro veroverd op de Inca´s. Het was de hoofdstad van het enorme Inca-rijk. De Spanjaarden roofden de enorme hoeveelheden goud en zilver en vermoordden de Inca-koningen. Tradities werden echter voortgezet en vermengd met Spaanse invloeden, en het Christelijke geloof.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag79_tradition.jpg

 

De meeste Inca-gebouwen werden gesloopt om met de steenblokken kerken, kloosters en paleisjes te bouwen. Hier en daar zie je nog de typische mortelloze bouwstijl van de Inca’s onderaan als fundament van een groot klooster of paleis.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag79_pl_armas.jpg

 

De Plaza de Armas is het hart van de stad, en was dit reeds vóór de Spanjaarden kwamen. Nu wordt het overheerst door de kathedraal en door de barokke kerk van de Companía de Jesú.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag79_patio.jpg 

 

Het wordt steeds warmer in de stad. Ik dwaal rond, ga hier en daar binnen, en keer dan rond de middag terug naar het hotel. Ik tref daar Udo, en samen gaan we wat eten om de hoek. Op de Plaza de Armas  worden we voortdurend aangeklampt door vrouwen die een massage willen verkopen. Udo wimpelt ze af door aan hen een massage voor te stellen. Na de siësta trekken we samen weer de stad in. Het wordt frisser omdat de zon achter de wolken verdwijnt, en rond vijf uur gaat het dan nog regenen. Udo was hier niet op voorzien en heeft het koud. We keren terug naar het hotel.

Om halfzeven is er een briefing door Robe en Dafne voor de aktiviteiten van de komende week. Er is wat beroering gerezen over de moeilijkheidsgraad van de ritten in het Zuiden van Peru. We moeten daar immers over een paar trajecten die niet verhard zijn, en waar hier en daar los zand de passage bemoeilijkt. De twee oudste koppels zien het niet zitten om daar doorheen te moeten ploeteren, en zoeken een alternatieve weg om dan enkele dagen later terug bij de groep aan te sluiten in Argentinië: Er is ondertussen wel vervoer geregeld om de koffers met een auto te vervoeren, zodat de motoren minder beladen zijn en handelbaarder worden.

Daarna gaan we allen samen eten in een tent waar naast een buffetmaaltijd ook Peruviaanse muziek en dans geserveerd wordt.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag79_optreden.jpg

 

 

Dag 80 zaterdag 28 oktober 2017:

Cuzco PE – Puno PE – 390km

Overnachting in Puno Casa Andina Tikarani

 

Dit is mijn derde nacht op rij dat ik goed slaap. De eerste nacht was wel kort omwille van het bezoek aan Machu Picchu, maar dat heb ik ondertussen ruim ingehaald. En dit alles ondanks de grote hoogte waarop we ons hier bevinden: 3400m. Grote hoogte kan hoofdpijn en slapeloosheid veroorzaken, maar ik ben blijkbaar goed geadapteerd.

Het verlaten van Cuzco is lastig. Het regent, en er zijn veel gladde ijzeren roosters die de straten dwarsen. Plots bevinden we ons volledig buiten de stad in een brede vallei. We rijden door vruchtbare vlakten met eerst landbouw en daarna meer veeteelt, koeien, lama´s en alpaca’s, schapen. Het regenen is opgehouden, maar we houden de regenkledij aan omdat het nog tamelijk koud is.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag80_touristtrap.jpg

 

Een gepland bezoek aan een Inca-tempel loopt op een sisser uit, want de site blijkt meer toeristische kraampjes te tellen dan door Inca’s gehouwen stenen. Ondertussen zijn Leo en Ellie verder gereden, en zal ik ze pas aan het hotel weerzien.

De weg stijgt. Ik rij over een pas van 4500m en kom op reserve te staan.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag80_altiplano.jpg

 

Daar op de altiplano op 3800m trek ik door een uitgestrekte vlakte langsheen een spoorweg.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag80_station_altiplano.jpg

 

Er staat zelfs nog een mooi half vervallen stationsgebouw waar Andeanen verzamelen om bus, trein?, of ander vervoer te nemen.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag80_aymara.jpg

 

Ik begin trager te rijden omdat ik nog steeds geen benzinestation tegengekomen ben en het er begint om te spannen. Johan, Hans en Rob steken mij voorbij. Uiteindelijk vind ik een gasolinera, en merk dat ik toch nog ruim honderdvijftig kilometer had kunnen rijden, inclusief de reserve die ik in mijn koffer heb.

De doortocht van Juliaca is er een om niet gauw te vergeten. Chaos, vuil, oud ijzer, putten, stof, open riolen, de spoorweg, marktkraampjes, massa’s mensen, auto’s en riksja’s: alles door elkaar.

 

 

En daar rijdt mijn dappere Transalpacaatje doorheen, tweemaal zelfs in verboden richting, wegens de afwezigheid van verkeersborden. Die passage gaat echter zeer vlot, en bij het buitenrijden merk ik dat ik de groep van Johan ingehaald heb.

Ik zie ze echter al gauw weer verder uit rijden. Net voor Puno is er weer een pas van meer dan 4000m. Ik moet de snelheid er in houden, want onder de 4000 toeren heeft mijn motor geen trekkracht meer. Om 14u daal ik dan in het zog van Hans vlot de helling af, Puno binnen, en even later bereiken we hotel Andina. Het hotel ligt mooi in het centrum, op een hoogte van meer dan 3800m. Hiermee is dit het hoogst gelegen hotel waar wij tijdens deze reis overnachten.

Ik ga met Hans en Johan op stap voor een late lunch, waarna we nog even tot het centrum gaan. Er is echter een koude wind, en we keren stilletjes terug naar het hotel. Een lokale oude boekenmarkt trekt even onze aandacht. Er is hier blijkbaar toch heel wat meer aandacht voor cultuur dan de primitieve chaos op straat zou doen vermoeden.

 

DSC09750

 

Het is ondertussen donker geworden, en er is een oplossing gevonden voor de motoren die nog steeds buiten voor het hotel staan: ze kunnen in een soort primitieve garage staan rechtover het hotel. Het kost wat moeite om ze er allen in te krijgen, want de vloer is hellend naar beneden.

 

 

Dag 81 zondag 29 oktober 2017:

Rustdag in Puno PE

Overnachting in Puno Casa Andina Tikarani

 

Na een goede nachtrust geniet ik een rustig ontbijt op mijn eentje, aanvankelijk tussen een hele bus andere toeristen die ineens om kwart over zeven verdwenen zijn. Ik ga terug naar mijn kamer en whatsapp even met Elke en de kinderen.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag81_kathedraal_puno.jpg

 

Ik ga dan op stap in de stad om te profiteren van de ochtendzon. Bij mijn terugkeer tref ik de reisgenoten in de ontbijtzaal.

Om tien uur vertrekken we per bus naar het haventje van het Titicacameer. Een boot voert ons via een vaargeul door een lagune naar het eigenlijke meer, waar deze bevolking, volgens eigen zeggen afkomstig uit het Amazonegebied, sedert vele eeuwen een leven opgebouwd hebben op drijvende eilanden.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag81_uro_vrouwn.jpg

 

Het drijfvermogen wordt geleverd door lagen riet die horizontaal op elkaar gestapeld worden tot een drie meter dikke massa, die onderaan wel kapot rot, maar bovenaan steeds opnieuw aangevuld wordt door nieuw riet.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag81_uro_gezin.jpg

 

Natuurlijk is dit een ‘tourist-trap’, waarbij de portemonnee van de bezoeker aangesproken wordt, maar toch is dit ook erfgoed, en dus waardevol en interessant. Het brengt ons ook even heel dicht bij deze mensen, die deze vanuit deze bezoeken hun inkomen halen. We brengen ook even een bezoekje aan de hut waar ze (verondersteld worden te) wonen. Het doet mij even mijmeren over onze eigen contreien, waar mensen tweeduizend jaar geleden ook bovenop moerassen leefden.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag81_kacheltje.jpg

 

Interessant is ook dat de witte basis van het groene riet gegeten wordt, hoewel ik niet weet hoe voedzaam en lekker het wel is.

Hier mogen meisjes pas trouwen nadat ze twee jaar samengewoond hebben met de vriend van hun keuze, en deze bewezen heeft een hardwerkende en zorgzame echtgenoot te zijn.

Na het bezoek keren we terug naar de stad Puno. Daar is net een enorme optocht aan de gang.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag81_stoet_puno.jpg

 

Udo en ik keren niet met het busje terug naar het hotel, maar volgen de feestelijkheden gedurende meer dan een uur en gaan dan eten in een populair volksrestaurantje.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag81_stoet_puno2.jpg

 

Dit alles, en vooral het eten dan, is erg vermoeiend, en een kleine siësta doet veel deugd.

 

Dag 82 maandag 30 oktober 2017:

Puno PE > La Paz BOL – 260km

Overnachting in La Paz Apart Hotel Camino Real

 

Dit hotel is ingesteld op groepen toeristen die per vliegtuig of per bus aankomen of vertrekken. Je kunt hier dan ook reeds ontbijten vanaf 5u30. Ikzelf ga ontbijten om 6u, en zie alweer een groep mensen vertrekken na een haastig ontbijt. Ik neem er mijn tijd voor en kan dan daarna rustig gaan inpakken.

De motoren staan in een soort garage zonder verharde bodem, en op een hellend vlak. Het kost dan even tijd om ze met vereende krachten naar boven te trekken uit de garage. Het is redelijk fris, en goed aangekleed vertrek ik met Leo en Ellie richting Bolivië. Onderweg komt ook Rob met Joke nog aansluiten. Rob en ik gebruiken TomTom, en deze geeft geen dekking voor Bolivië, zodat we vanaf de grens aangewezen zijn op Leo en Ellie om ons de weg te wijzen door La Paz tot aan het hotel. Er wordt van os min of meer verwacht dat we rechtstreeks naar de grens rijden, maar ik vind dit een te mooie streek om niet even te stoppen of een zijsprongetje te wagen, en iets interessants van meer nabij te gaan bekijken

De streek tussen Puno en La Paz, inclusief het Titicacameer waar we langsheen rijden, behoort tot de Altiplano. Dit is een hoogvlakte op bijna 4000 meter tissen twee enorme bergkammen van de Andes: de Cordillera Oriental en de Cordillera Occidental. De regen die hiertussen naar beneden valt stroomt naar die hoogvlakte, maar kan nergens anders heen dan naar het diepste deel, en vormt aldus het Titicacameer. Daar kan het water enkel verdampen, en het meer wordt stilaan steeds zouter. Het water op de hoogvlakte stroomt zeer traag, zodat er geen valleien gevormd worden, en de hoogvlakte vlak blijft.

Hier wonen de Aymara, een groep Andeanen met typische eigen klederdracht en gewoonten. Ze spreken ook hun eigen taal: het Aymara. Ze wonen aan beide zijden van de grens, en voelen zich meer Aymara dan Peruviaan of Boliviaan. Toch trekken velen onder hen naar de steden, zodat ze, en vooral dan de vrouwen, sterk herkenbaar zijn in het straatbeeld, met hun typische meerlagenrokken en hun opvallende hoge hoed.

We passeren eerst boerderijtjes opgebouwd uit adobestenen, en kleine akkertjes of weiden, mooi van elkaar gescheiden door rotsstenen muurtjes van een meter hoog. Heel kleurrijk. In het dorpje Juli sla ik even af om een bezoekje te brengen aan de mooie Iglesia de Nuestra Señora de la Asunción.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag82_juli.jpg

 

Er wordt hier nog wel aan visvangst gedaan, maar dit lijkt mij eerder beperkt gezien de verwaarloosde staat van de weinige bootjes die ik langs het meer aantref.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag82_titicaca.jpg

 

Op een bepaalde plaats wordt wel iets gekweekt, maar ik heb enkel uitzicht vanop een hoge klif, en kan niet meer informatie verzamelen.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag82_titicaca2.jpg

 

In Desaguadero missen we de afslag naar de grens, en komen per ongeluk terecht op de grensovergang voor vrachtwagens. Geen erg, men is dat hier blijkbaar gewoon, en met de hulp van vele mensen aan de kant van de weg worden we door een wirwar van straten, en doorheen een verkeersvrije drukke markt met toestemming van de politie naar de grens geloodst. In mijn zog volgen zes motoren, die op mij vertrouwen om telkens opnieuw de weg te vragen.

De grenspassage gaat heel vlot en vriendelijk. De beambte lacht even als hij mijn pasfoto ziet; hij vraagt of ik dat wel ben. Ik doe mijn bril af en zeg hem in het Spaans dat ik op die foto wel op een boef lijk, waarmee ik hem en zijn collega stevig aan het lachen breng. Daarmee gaan de formaliteiten wel wat vlotter. De moto’s worden niet eens gecontroleerd, en het verlaten van Peru is in een mum van tijd afgehandeld. Nu de brug over en zien wat de Bolivianen voor ons in petto hebben. Behalve een ontbrekende stempel waar ik nog eens moet voor teruggaan, gaat alles vlot: vriendelijk, deskundig  achter de PC, maar nauwelijks controle: men vraagt buiten wat op papier staat nog enkel de kleur van de motor.

Een beetje onverwacht snel staan we dus in Bolivië. Rob en ik hebben een TomTom die geen ondersteuning biedt in Bolivië, dus volgen we Leo. We gaan op zoek naar iets om te drinken of te eten. Niets, en wat verder nog niets. We belanden weer op de mooie altiplano, die hier veel minder bevolkt is dan aan Peruviaanse zijde. Hongerig en dorstig belanden we uiteindelijk in een soort spookstad, die niets anders is dan een lange straat opgebouwd uit muren, onafgewerkte huizen en werkplaatsen, kilometers lang. Heel erg bevreemdend. Wat verder echter gaat dit plots over en een chaos van primitieve nerinkjes, minibusjes, kraampjes op de weg, en een massa volk, hoofdzakelijk Aymara. Dit is El Plano, een voorstad van La Paz die het totaal verzadigde La Paz aanvult, en één der snelst groeiende steden ter wereld is. Er zijn hier zelfs vrouwelijke Aymara politieagenten, gekleed in traditionele Aymara kledij. Uiteindelijk komt toch een einde aan het kruipen doorheen dat mierennest van minibusjes, en komen opgelucht terecht op de ringweg, waar net wegenwerken aan de gang zijn. Nochtans gaat dit vlot zonder enige filevorming, waarna we het drukke La Paz binnenduiken: een redelijk moderne stad naar Zuid-Amerikaanse normen, met heel veel hoogbouw, en prachtige zichten.

Omstreeks 15u lokale tijd komen we aan in het hotel. We hebben een uur moeten inleveren, en zijn nu maar 5 uur meer af van de tijd in Watervliet. Er blijkt een fout te zijn in het aantal geboekte kamers. Na een kamerdans, waarbij ik tweemaal de verkeerde kamer krijg, kom ik terecht op het twaalfde verdiep, in een appartement met keukentje en living naast de slaapkamer en de badkamer.

Ik ga dan op stap in de stad, mij beperkend tot de buurt rondom het hotel.

 

http://blogalain.azurewebsites.net/wp-content/uploads/2014/11/dag82_lapaz.jpg

 

Er staan hier wel enkele mooie statige woningen, maar die zijn meestal verwaarloosd en verliezen hun charme door de aanwezigheid van hoogbouw, storende reclame of nutsvoorzieningen.

´s Avonds ga ik eten met Leo en Ellie. Veel te veel, want na het uitgebreide slaatje moet ik mij beperken tot de helft van de overigens lekkere lasagne.

Om tien uur gaat het licht uit.